Beter dan een dubbele espresso: hier word je meteen goed wakker van!
Sol Gabetta, een Argentijnse celliste van Frans-Russische herkomst, speelt het cello concerto no. 2, opus 119 van Charles Camille Saint-Saëns
Beter dan een dubbele espresso: hier word je meteen goed wakker van!
Sol Gabetta, een Argentijnse celliste van Frans-Russische herkomst, speelt het cello concerto no. 2, opus 119 van Charles Camille Saint-Saëns
Het Canadese Hamilton’s Children Choir zingt een Venezolaans kinderliedje, gecomponeerd door Alberto Grau, over een klein bootje. De golven spelen ermee en dat hoor je in de verschillende ritmes en maatsoorten.
El barquito chiquitico
Había una vez un barquito chiquitico,
Había una vez un barquito chiquitico,
Había una vez un barquito chiquitico,
Que no podía, que no podía navegar
Pasaron una, dos, tres, cuatro semanas,
Pasaron una, dos, tres, cuatro semanas,
Pasaron una, dos, tres, cuatro semanas,
Y no podía, y no podía navegar
Y si esta historia no les parece larga,
Y si esta historia no les parece larga,
Y si esta historia no les parece larga,
La volveremos, la volveremos a contar.
Het Fins Jeugdkoor zingt een ballade over “de heuvels van Karelië”. Karjalan kunnailla is een Fins traditioneel lied, dat door Valter Juva in 1902 gecomponeerd werd.
Karelië (Russisch: Карелия, Karelija; Karelisch: Karjala) is een deelrepubliek in het noordwesten van Rusland, dat het grootste deel beslaat van het historische gebied Karelië.
De hoofdstad is Petrozavodsk. Andere grote steden zijn: Kostomoeksja, Sortavala en Kondopoga. De bevolking bedroeg bij de census van 2002 716.281 inwoners, waarvan 73,6% Russen, 10% Kareliërs, 7% Wit-Russen, 3,6% Oekraïners, 2,3% Finnen en 0,8% Wepsen. Naast Russisch worden ook Karelisch, Fins en Wepsisch gesproken. Er bestaan ook dagbladen en radiozenders die Karelisch, Fins en Wepsisch gebruiken.
Sinds de 19e eeuw is er onder de Kareliërs een beweging die streeft naar een eigen staat, maar vaker komt het idee voor om Karelië en Finland te verenigen in één Groot-Finland.
Om U een idee te geven hoe Karelië eruit ziet:
“Ehre sei Dir,Gott, gesungen” deze vijfde cantate van het Weihnachtsoratorium gaat over de zondag na Nieuwjaar en over het licht dat de drie wijzen uit het oosten hebben gezien.
Volledige tekst van de cantate met Nederlandse vertaling vindt U hier.
Aan al onze vrienden en lezers: blijf gezond en vergeet niet te dromen, te ijveren en te strijden van en voor een Onafhankelijke Republiek Vlaanderen!
Auld Lang Syne vindt zijn oorsprong in Schotland en werd voor het eerst opgetekend door de Schotse dichter Robert Burns in 1788. Hij vertelde ooit zelf dat hij het vers (gedeeltelijk) van een oude man heeft. De titel kan worden vertaald als “voor oude tijden” of “lang geleden”. Burns putte inspiratie uit traditionele Schotse volksliederen en gaf er zijn eigen poëtische draai aan. Het is voor het eerst gepubliceerd in deel vijf van Scots Musical Museum van James Johnsons.
Robert Burns staat bekend als de nationale dichter van Schotland en zijn bijdrage aan de Schotse literatuur is enorm. Auld Lang Syne is slechts een van de vele meesterwerken die hij heeft nagelaten. Het lied is doordrenkt met een gevoel van nostalgie en reflectie, waardoor het perfect past bij het afsluiten van het oude jaar.
Herders, Hij is geboren
Herders hij is geboren in ‘t midden van de nacht
Die zolang van tevoren de wereld heeft verwacht
Vrolijk o, herderkens zongen ons d’engelkens
Zongen met blijde stem: Haast u naar BethlehemWij arme eenvoud’ge lieden gelijk de boeren zijn
Ons wekten ons geburen en in de maneschijn
Liepen met blij geschal, naar deze arme stal
Daar ons de eng’lenzang allemaal toe bedwangAls wij daar zijn gekomen: Ziet een klein kindeke
Leit op ‘t stro nieuw geboren, zoet als een lammeke
D’oogskens van stond af aan, zag men vol tranen staan
‘t Weende van druk en rouw, in deze straffe kouik nam mijn fluitje, een ander die nam zijn moezeltjen
En dus fluiten en zongen voor ‘t zoete kindeke
Na, na, na kindje teer, sus, sus en krijt niet meer
Doet uw klein’ oogjes toe, zij zijn van ‘t krijten moeZiet wij schenken u samen een teer klein lammetje
Boter, melk en sane voor uw lief mondeke
Na, na, na kindje teer, sus, sus en krijt niet meer
Doet uw klein’ oogjes toe, zij zijn van ‘t krijten moe‘t Kindje begon te slapen, de moeder sprak ons aan
Lieve herderkens samen, wilt zoetjes buiten gaan
U-lie’ zij peis en vree, dat brengt mijn kind u mee
‘t Is uwen God en Heer, komt morgen nog eens weerhttps://www.dbnl.org/tekst/duys001oude03_01/duys001oude03_01_0022.php